header-schaer-website-v6.jpg
 

Interview Arek Matuszak - Achter het masker

Kee = keepers  |  11-6-2020

Na 30 jaar doet Arek Matuszak zijn keepersmasker af! Hij stopt met professioneel keepen. Arek kan terugkijken op een fantastische carrière waarin hij van 2003 tot 2016 keeper was van het Poolse nationale team en 132 interlands speelde. Op zijn 25ste kwam hij in 2005 voor een jaar naar Nederland om uit te komen voor Laren. Dat werden uiteindelijk 4 seizoenen en in 2009 werd hij dé keeper van Schaerweijde. Tot 2018 heeft hij ons rood-zwarte goal verdedigd en maakte hij als persoon én als keeper grote indruk. De afgelopen twee jaar kwam hij uit voor Phoenix. Een mooi moment dus om terug te blikken met Arek. Waarom stopt hij nu, is zijn droom uitgekomen en welke toekomstplannen heeft hij? Een openhartig gesprek met een mooi mens, lid van verdienste en een clubicoon voor top en breedte! Dat is de reden dat het bestuur Arek heeft gevraagd de Maarten Sikking Jeugd Keepersclinic op Schaerweijde voortaan zijn naam te geven.

De AREK MATUSZAK JEUGD KEEPERSCLINIC !!

Waarom heb je nu besloten een punt te zetten achter je carrière als professioneel keeper?

Dit heb ik al eerder overwogen. In 2018 had ik twee opties, helemaal stoppen bij Schaerweijde of overstappen naar een andere club. Uiteindelijk heb ik voor het laatste gekozen. Ik werd ineens door 6 clubs benaderd en vond het wel erg leuk dat ze interesse hadden. Laren zat daar ook bij maar het is Phoenix geworden omdat dit de meest voor de hand liggende club was. Ik woon met mijn gezin in Zeist en kreeg de mogelijkheid om op Phoenix ook jeugdkeepers te gaan trainen. Die combinatie vond ik prettig. Phoenix heeft gevraagd of ik nog een seizoen wilde blijven maar op 10 juli word ik 40 en dat vind ik een goed moment om te stoppen. Ik ben nog fit en voel me goed genoeg maar wil ook ruimte maken voor jongere keepers en meer tijd hebben om andere dingen te gaan doen.

Wat zijn je plannen voor de toekomst?
Ik ben aan het praten met clubs om te gaan coachen of een andere vorm van teambegeleiding. Dat heb ik vroeger veel voor de jeugd bij Schaerweijde gedaan. Ook ben ik in gesprek met de nieuwe bondscoach van Polen om te kijken of ik daar een rol kan spelen om keepers op te leiden. Natuurlijk blijf ik ook nog jeugdkeepers trainen met ‘Goalieworks’. En ik heb mijn eigen bedrijf ‘Arek Matuszak Sports’ waarmee ik keeperstrainingen geef aan jeugd en ook senioren voor diverse verenigingen (Shinty, Phoenix, Doorn en Schaerweijde).

Had je ooit gedacht dat je leven zo zou lopen?
Niet op die manier, nee. Ik deed van alles, wedstrijdzwemmen, life-guard en zou misschien naar de zwemschool gaan, maar dat is anders gelopen. Karate heb ik ook nog gedaan. Maar basketbal vond ik echt heel erg leuk. Op de middelbare school zat ik in het basketbalteam en daar was ik de kleinste van allemaal. Mijn kamer hing vol met posters van Dennis Rodman en Michael Jordan. In die tijd hadden we nog niet zo lang TV en ik vond dat geweldig om te kijken. Laatst heb ik met tranen in mijn ogen de documentaire ‘Last Dance’ gezien. Die maakt zoveel indruk op me.

Maar uiteindelijk ben ik met hockey serieus doorgegaan. Mijn gymleraar op de basisschool was hockeytrainer en door hem ben ik gaan hockeyen. Samen met het team gingen we naar toernooien en trainingen. Met 15 man de tram in omdat we dwars door Poznan moesten reizen. Superleuk en superveel meegemaakt. Als enige van de groep kreeg ik een plek in H1 en dat was heel bijzonder. Ik kreeg ook een Scolarship en geld en een plek in het Poolse nationale elftal. Hierdoor heb ik de hele wereld gezien, dat was allemaal heel nieuw in Polen.

Ik ben in 1980 geboren in een communistisch Polen en kan me nog goed herinneren dat ik met mijn oma in de rij moest wachten voor de winkel. Polen is pas in 1990 een democratie geworden en het was dus echt een avontuur om naar het buitenland te gaan. Toen ik naar Nederland vertrok voor een jaar, was dat ook heel bijzonder omdat ik de eerste Pool was die zoiets ging doen. Dat ik zo lang zou blijven, had ik niet kunnen bedenken. Met het Poolse team heb ik bijna alle continenten gezien. Totaal ben ik 13 jaar lang voor Polen uitgekomen en in 2016 gestopt. We hadden Rio gemist en ik had nog best door kunnen gaan maar het zijn trajecten van 4 jaar. Ik wist niet hoe lang ik nog zou blijven keepen en vond dat ik andere jonge(re) keepers een kans moest geven om te gaan trainen en wedstrijdervaring op te doen. Toen het EK in 2017 in Amsterdam was, vond ik dat wel heel lastig. Dat was natuurlijk een mooi afscheid voor mij geweest. Maar ik kijk terug op fantastische periodes. Ik heb gewoon enorme kansen gekregen en een droomleven. Ik verwacht niet zoveel, ben wel streng voor mezelf. Het hoeft voor mij allemaal niet zo luxe. Ik kom uit een normale familie en moest altijd werken voor mijn geld. Mijn kantoor is een hockeyveld. Gelukkig hoef ik niet achter een computer te zitten want dat is echt helemaal niks voor mij.

Voor hockey ben ik naar Nederland gekomen, dat is anders voor Nederlandse hockeyers, die doen het naast hun studie en gaan op een gegeven moment voor een andere carrière. Ik heb nooit iets anders gedaan, hockey is mijn passie en ik kan er ook nog eens van leven. Bovendien kan ik dit werk in Polen niet doen, hockey is daar veel kleiner. Er zijn ongeveer 2500 hockeyers en de verenigingen hebben niet zoveel mogelijkheden. Hockey is in Nederland echt een business, in Polen heb je geen hockeywinkels. Daarom stuur ik ook veel gebruikte keepersspullen naar Polen. Het is daar hard nodig.

Wat een groot verschil! Iets heel anders, kun je uitleggen waarom keepen zo leuk is?
Als keeper heb je een hele andere positie op het veld, je kunt beslissend zijn in de wedstrijd. Het is eigenlijk een individuele sport binnen een teamsport. Je ziet er anders uit, de keeper heeft andere regels dan de spelers. Toen ik begon met hockey, ben ik al snel in het goal gaan staan. Ik vond het wel leuk om anders te zijn. Je hebt een speciale rol op het veld. Soms komt het voor dat je minder te doen hebt. Maar op het moment dat je moet presteren, moet je er wel staan. Zodra de bal en de tegenstander rond de 23 meter van je goal af zijn, moet je je focussen en voorbereiden. 

Maar hoe hou je die focus en ga je ermee om als die bal er toch ingaat? 
Dat is heus niet altijd makkelijk geweest, in het begin had ik er echt wel moeite mee als ik ballen door liet. Maar door positief te blijven, word je hier steeds beter in. In de hoofdklasse had ik heel veel te doen en dan vallen er natuurlijk ook veel doelpunten tegen, maar je kunt ook heel veel ballen redden. Dat hoort er nu eenmaal bij. Als je dat kunt, wordt het mentaal ook makkelijker. Gewoon door blijven gaan als het tegen zit, niet blijven balen. Verder moet je ook leren om goed met je verdedigers te communiceren. Het is heel belangrijk dat je iedereen in je cirkel goed neerzet en duidelijke afspraken maakt. De keeper is de baas in de cirkel.

Wat maakt een keeper verder een goede keeper?
Een goede basishouding is belangrijk, het goed beheersen van de technische bewegingen, een goede timing en de ballen op de juiste manier verwerken. Als keeper moet je situaties leren herkennen omdat je altijd een paar opties hebt: wachten, uitkomen of een verdediger op de bal afsturen. Dat gebeurt in een split second en daarin moet je een keuze maken. En vooral ook fouten durven maken. Als je weet waar je aan kunt werken, kun je je ontwikkelen op de mindere punten. Je moet niet bang zijn voor de bal en een beetje stoer zijn. En het helpt natuurlijk ook als je een beetje lenig bent en snel op de korte meter. 

Als keeper sta je altijd in de basis en word je (bijna) nooit gewisseld, dat is een mooie uitgangspositie?
Nee hoor, ik ben lange tijd tweede keeper geweest. In het Poolse nationale team had je in elke voorbereiding een open selectie en ik had nooit de garantie dat ik de eerste keeper was. Als je op hoog niveau speelt, is er altijd een tweede of zelfs een derde keeper. En dan is het juist lastig omdat er maar 1 keeper in het veld kan staan. Ik heb met het Poolse team 132 wedstrijden gespeeld, terwijl een veldspeler die tegelijk met mij is begonnen wel 300 wedstrijden heeft kunnen spelen. Als speler sta je nu eenmaal vaker op het veld. Maar ik ben wel bij alle wedstrijden aanwezig geweest en heb over het algemeen het meeste gekeept. En bij Laren heb ik in het vierde seizoen bijvoorbeeld maar in 1 wedstrijd gespeeld. Salman Akbar was de eerste keeper en deed dat ook fantastisch. De afspraak met de coach was dat als we een strafbal zouden krijgen, ik in het goal zou staan. Daar heeft hij zich aan gehouden en toen ik die bal hield, was ik wel gelijk de koning van de wedstrijd. Daar heb ik geleerd om een tweede keeper te zijn en hoe gek dit ook klinkt, het heeft me echt een betere keeper gemaakt. Ik stond altijd klaar om te presteren. 

En al jouw kennis en ervaring draag je nu over aan de jeugdkeepers, zowel voor de breedte als de top, wat een geweldig voorbeeld ben je voor de jeugd! Hoe lang doe je dit al en ben je hiervoor opgeleid?
In het begin toen ik bij Laren kwam spelen, was ik alleen maar keeper. In mijn vrije tijd ben ik begonnen met training geven en ook met keeperstrainingen gestart. Toen ik bij Schaerweijde kwam, heb ik in mijn vrije tijd ook jeugdteams getraind, begeleid en gecoacht en daardoor kennis gemaakt met heel veel kinderen en ouders. Toen Kuba (bijnaam voor Jakub) geboren was, heb ik alleen voor het trainen van keepers gekozen. En nu geef ik nog steeds keeperstrainingen. Dat vind ik erg leuk om te doen. Ik heb mijn sportopleiding helaas nooit af kunnen ronden omdat ik na mijn tweede jaar naar Nederland ben gegaan. Het was super moeilijk om dit te combineren en op en neer te reizen voor mijn studie, ik kon maar 3 tot 4 keer naar huis en aanwezigheid was heel belangrijk voor de opleiding.
Dat is eigenlijk het enige waar ik misschien wel een beetje van baal. En in Nederland een opleiding volgen was ook lastig omdat mijn Engels en Nederlands niet goed genoeg waren en bovendien had ik dan weer helemaal opnieuw moeten beginnen. Maar ik heb in de praktijk zoveel kennis en ervaring opgedaan, dat is denk ik veel meer waard. En die breng ik heel graag over aan keepers.

En wat vindt jouw vriendin Aga hier allemaal van? Jullie hebben allebei op jonge leeftijd Polen achter je gelaten en zijn hier helemaal ‘opnieuw’ begonnen.
Zij vindt het leuk ook al heeft ze zelf helemaal niks met hockey. Sowieso niet zo met sport, behalve dan dansles. Ze kwam wel kijken naar de wedstrijden maar dat kwam ook omdat we geen familie hier hebben. En als ze dan vrij was, ging ze mee. Aga is meer van de boeken, zij had haar BA in Polen al afgerond en zat in Engeland om haar Engels te verbeteren toen ik in bij Laren ging hockeyen. Het tweede jaar dat ik voor Laren speelde, is zij naar Nederland gekomen en heeft ze nog twee masters gedaan aan de UVA. Ze heeft ook Engelse les gegeven. Aga is ook degene die naar mijn brieven en mails kijkt voor de grammatica, zij is mijn secretaris want ik bak er niet veel van. En zij heeft de zorg voor Kuba, brengt hem naar school, zorgt dat hij na school kan sporten. Ik ben altijd op het hockeyveld en kom vaak laat thuis. Kuba zie ik ’s ochtends en op zaterdag bij de voetbal, dan help ik met begeleiden. We vullen elkaar mooi aan.

Kuba is al bijna 7, jullie zijn dol op hem. Wat vind je belangrijk om aan hem door te geven?
Plezier! Natuurlijk is leren en structuur ook belangrijk maar ik wil vooral dat hij geniet. Hij is enig kind en ik moet wel een beetje oppassen dat ik hem niet verwen. Ik ben altijd de ‘good cop’ en Aga is wat strenger. Ik vind het belangrijk dat hij zoveel mogelijk beweegt en lekker sport. Ik heb hem altijd overal bij betrokken, hij mocht bij Phoenix ook mee met de teambesprekingen. Dat ging hij dan thuis nadoen. Hij doet allerlei sporten, atletiek, judo, zwemmen, tafeltennis, kickboksen, hockey, voetbal, overal kijken en proeven. Hij heeft nu moeten kiezen omdat je maar een sport op zaterdag kunt doen en dat is voetbal geworden. Hij moet vooral alles zelf ontdekken en kijken wat voor hem het beste is. Ik zal hem altijd steunen en helpen.

Jullie wonen nu al heel lang in Nederland en het gemis van familie lijkt me best moeilijk. Wat zien jullie als ‘thuis’?
Toen ik vertrok naar Nederland vond ik het allemaal spannend en leuk, ik woonde nog bij mijn ouders. Maar je familie en vrienden mis je wel. Ik kon niet zo vaak naar Polen gaan en later is dit nog minder geworden. Toen begon ook het zaalhockey voor Heren 1 en had ik in de winter geen tijd om terug te gaan. We gingen wel altijd 2 maanden in de zomer weg maar dat kan nu niet meer omdat Kuba hier naar school gaat en we afhankelijk zijn van de schoolvakanties. We krijgen hier wel regelmatig familie en vrienden op bezoek. Die komen dan voor een paar dagen en het is heel fijn dat we dat kunnen doen en genoeg plek hebben. Polen is ons vakantieland geworden. We hebben in Nederland alles, we werken hier en hebben hier ons leven opgebouwd. Het is ons thuis geworden, dat kan ik echt wel zeggen.

Welke mensen zijn belangrijk geweest voor jou?
Mijn ouders hebben mij alle kansen gegeven. Ik mocht alles van mijn ouders. Daardoor ging er ook weleens iets mis. Ze zijn vaker met me naar het ziekenhuis gegaan voor hechtingen dan dat ik echt ziek ben geweest. Ik heb altijd alle support van hun gekregen, mijn moeder maakte mijn keeperstas, mijn vader deed de reparaties aan mijn keepersspullen en hij kwam altijd naar de wedstrijden. Verder zijn mijn coaches en mijn gymleraar in Polen belangrijk voor me geweest, zij hebben mij kansen gegeven om te groeien als keeper.
Bij Laren heb ik heel veel geleerd van Bart van Gaalen. Hij gaf mij keeperstraining en van hem heb ik juist heel veel dingen af moeten leren! Ik was veel te onrustig, veel te actief en bewoog teveel in de cirkel. Hij heeft me alles andersom geleerd, meer rust in mijn bewegingen en meer focus. Ik heb 15 jaar lang training van hem gehad en werk samen met hem bij Goalieworks! En natuurlijk heb ik ook veel geleerd van Simon Zijp, keeperstrainer van het Nederlands elftal en hoofdopleider bij Goalieworks. Met hem heb ik ongeveer 3 jaar getraind.
En natuurlijk Aga! Zij is heel belangrijk voor mij. We zijn alweer 22 jaar samen. Aga heeft mij altijd gesteund en is er altijd voor mij geweest. Deze zomer op 8 augustus gaan we trouwen!

Tot slot Arek, wat zijn voor jou hoogtepunten geweest waar je met trots op terugkijkt?
Jakub, daar ben ik echt het meest trots op. En dat ik al die jaren blessurevrij ben geweest en gezond. Alle wedstrijden die ik met Polen heb mogen spelen. En natuurlijk 18 mei 2011, de promotie met Schaerweijde naar de Hoofdklasse. Die dag vergeet ik echt nooit meer, wat een enorme ervaring was dat! Het is een hele mooie club waar ik nog steeds heel graag kom om keeperstraining te geven. Ik heb hier een fantastische tijd als keeper gehad!



Nieuwsafbeelding

Reacties

Marieke van de Lest
Wat een mooi interview Arek en Astrid!

Reageer op het nieuws