header-schaer-website-v6.jpg
 

Schaerweijde I N T E R V I E W -6-

Alg = algemeen  |  3-4-2020
In deze serie interviews laten we vrijwilligers van Schaerweijde zien. Vrijwilligers met een rood-zwart hart die vaak tientallen uren besteden aan activiteiten in de club waar we met elkaar voordeel van hebben. Een vereniging als Schaerweijde drijft op vrijwilligers, het kan niet vaak genoeg gezegd worden. Of het nou bardienst, materiaalcommissie, bestuurslid of jeugdtrainer is; de club, dat zijn wij. 

I N T E R V I E W met Nikie Welschen


Vrijwilliger sinds jaar en dag 

Lid TC/SCA, Lid Commissie Vooruit, Hooftrainer Meisjes E8, Coach ME802

Aantal uren per week: nu niet zoveel, pre en post Corona, circa 15 uur per week


Je hebt een langjarige Schaerweijde-‘carriere’, vertel eens?
Hoewel ik in Bilthoven geboren ben, ligt mij hart inderdaad bij Schaerweijde. Sinds de mini’s ben ik lid. Ik ben nu 48, dus meer dan 40 jaar In die jaren heb ik de kans gehad van alles te doen. Allereerst als speler. Ik speelde voorin en heb de eerstelijns doorlopen tot en met Heren 1. Later uiteraard het verval; eerst naar heren 2, toen 3 en nu Veteranen A. Ik ben ook 3,5 seizoen coach van Dames 1 geweest. Een mooi en succesvol avontuur. Sinds mijn kinderen zelf hockeyen ben ik betrokken bij de jongste jeugd. Ik train en coach teams en ben betrokken bij de ontwikkeling van de hockeyjeugd in de Technische Commissie van de Schaerweijde Coaching Academy (TC/SCA). Ook als jeugdspeler was ik destijds al actief als trainer en coach. Mijn beide ouders hebben heel veel op Schaerweijde gedaan. Zo is mijn moeder onder meer coach van Dames 1 geweest en ook voorzitter en mijn vader heeft geloof ik 20 jaar in heren 1 gespeeld, is daar later ook coach van geworden en is tophockeycommissaris geweest. Ik heb het dus niet van een vreemde, zou je kunnen zeggen. Ik kopieer ze niet, maar ze zijn wel een voorbeeld.

Als speler alle geledingen doorgegaan?
Ja, erg leuk. In mijn tijd bij Heren 1 speelden we ook al bovenin de ‘oude’ overgangsklasse. Vergelijkbaar met waar Schaerweijde nu staat en vaak heeft gestaan. Ik heb vrij veel blessureleed gekend en toen dat groter werd dan het spelplezier, heb ik een stap terug gedaan. Ik was – en ben soms nog steeds – niet altijd een makkelijke speler voor coaches en scheidsrechters. Maar heb op en buiten het veld altijd heel veel lol gehad. Ik speel dus gelukkig nog steeds en nog steeds met veel plezier. Ik ben ook altijd lid gebleven, ook toen ik in Utrecht, Rotterdam of Den Haag woonde. De zondagen waren voor hockeyen en mijn team. Met sommige jongens speel ik al bijna 40 jaar.

Hoe is het om een topteam te coachen, in dit geval D1?
Fantastisch en veeleisend. Ik ben ermee opgegroeid. Tophockey is leuk om te doen, maar het is minstens zo leuk om anderen erin te begeleiden. Dames 1 was toen ik begon, we hebben het over 2011, een duiventil. In een aantal jaren hebben we dat met het begeleidingsteam kunnen omkeren naar een stabiele groep met veel eigen jeugdspeelsters. Die consistentie heeft ons terug in top van de ‘oude’ overgangsklasse gebracht. Veel lol gehad en veel geleerd, maar ook de bestuurlijke grillen van een vereniging gezien. Soms levert dat blauwe plekken op.  

De TC/SCA, welk beleid streven jullie na?
De TC/SCA wil meer focussen op en investeren in de ontwikkeling van kinderen. Van alle kinderen. Meer ontwikkelen, minder en later oordelen. Hockey is het vertrekpunt, maar kids in die leeftijd zitten in allerlei ontwikkelingen; sociaal, sportief, fysiek, psychologisch. Daar moet je rekening mee houden en terughoudend zijn met conclusies trekken. Wat de TC/SCA gaat doen is een omgeving creëren waarin spelplezier en ontwikkeling nog meer leidend worden. Dat zou ook in de cultuur van de club verankerd moeten worden. Dat is een wat meer holistische benadering. We proberen goede condities qua selectie en indeling, qua trainers/coaches en qua trainingen (vormen, hulpmiddelen, schema’s etc) in de volle breedte aan te bieden. De TC/SCA gelooft erin dat daarmee de ontwikkeling en het spelplezier in de volle breedte toeneemt en dat er dan ook nog eens veel talenten boven komen drijven. Je maakt de vijver groter én dieper.

Kun je een voorbeeld geven?
Talent herkennen op jonge leeftijd is heel moeilijk. En onderzoek wijst dan ook uit dat we er niet goed in zijn. Waarom dan al op jonge leeftijd onderscheid aanbrengen? Het geringe en ongefundeerde onderscheid in talent leidde wél tot een groot verschil in kwaliteit van coaches, trainers en hulpmiddelen. Een selffulfilling prophecy. Op die leeftijd heeft elk onderscheid grote impact, terwijl het slechts een momentopname is. "De meeste talenten fluisteren”, is een bekend gezegde, dus kalm aan met selecteren. Ook voor trainers is het juist heel leerzaam ook in de breedte met teams te werken waarin – nog - niet alle spelers of speelsters bloedfanatiek zijn.

Wij zijn dus bezig om bij Schaerweijde wat later te gaan selecteren. Vanaf de D-lijn in stapjes toewerken naar selecteren tussen eerstelijns en bredere cohorten. Dat gaat zorgen voor kleinere onderlinge verschillen, een brede pool, grotere groepen. Rust in de indeling, bij de kids, maar ook bij de ouders.

Hoe kijk je naar die top en breedte hockey. Vaak wordt het gezien als of/of?
Ik ben absoluut niet tegen tophockey. Wat ik wel eens hoor dat ik zou zijn, gezien mijn Rode Olifant ideeën. Ik ben voor. Sterker nog ik denk dat ik wat dat betreft ambitieuzer ben dan veel anderen. Tegelijkertijd houd ik van breedte en jeugd. Ik geloof dat voor een club als Schaerweijde de weg naar de top via de breedte loopt. Heb je dat voor elkaar, dan heb je draagvlak én talent en is er meer mogelijk. Naar mijn mening is daar consistent en vooral geduldig beleid voor nodig. D1 en H1 moeten wel gefaciliteerd worden om op een goed niveau te kunnen acteren, maar veel geld kostende ambities moeten in de ijskast. ‘Als je blijft doen, wat je altijd al deed, krijg je wat je altijd al kreeg’. Zoiets.

Heb je lol van het vrijwilligerswerk?
Het trainen is ontzettend leuk. En ook het mee vormen van nieuw beleid voor de ontwikkeling van de jeugd doe ik met veel plezier. Ik realiseer me dat mijn mening en bijdragen (ook buiten de TC/SCA geef ik mijn mening, in de Commissie ‘Vooruit’ bijvoorbeeld), niet door iedereen juist geïnterpreteerd wordt. Door mijn pleidooi voor de breedte word ik door menigeen gezien als tegen top. Als gezegd; dat is niet zo. Omgekeerd is het immers ook niet zo dat iemand die met gedrevenheid werkt aan tophockey onmiddellijk tegen breedte is. Ik zet mij met goede wil en intentie in, ben niet tegen iets of iemand, of tegen het bestuur. Ik heb wel ideeën over hoe dingen anders zouden kunnen en die probeer ik – samen met anderen – te verwezenlijken. Wel in de wetenschap dat veel anderen zich dan ook in die ideeën moeten kunnen vinden en dat je – zeker in een vereniging  - nooit helemaal krijgt wat je wilt. En dat is goed. Schaerweijde is mijn club, zoals die ook de club van m’n ouders en andere familie was en is. In die traditie bouw ik graag door.


Nieuwsafbeelding

Reacties

Er zijn nog geen reacties, plaats uw reactie hieronder

Reageer op het nieuws